twee werelden

Twee werelden

Ik ben buitenstaander of, zo je wilt, outsider in de wereld van de jeugd en de jeugdhulpverlening. Maar ik heb er wel dagelijks mee te maken. Als voorzitter van een stichting die zich inzet voor kwetsbare jongeren door ze leiderschapstrainingen te bieden en als plaatsvervangend strafrechter in Amsterdam en Den Haag. Een ander woord voor plaatsvervanger? Buitenstaander. Daar heb je hem weer. Twee werkkringen waarin jeugdigen een hoofdrol spelen. Alleen de insteek is anders. Staat in de ene positief opbouwend gedrag centraal, afkeurenswaardig strafbaar gedrag is de kern van die andere wereld. Werelden die elkaar afstoten en tegelijkertijd onafscheidelijk zijn. Ik neem mijn ervaring uit de ene werkkring mee naar de ander en omgekeerd. In mijn geval is de combinatie van jeugd en buitenstaander daarom dus zo’n gelukkige of om in de woorden van Stephen Covey te spreken: een absolute win-win! 

Communicerende vaten

Een buitenstaander mag en kan vragen stellen die bij de ingewijde simpelweg niet meer in het hoofd opkomen. Of voor wie het eigenlijk niet meer is toegestaan bepaalde vragen te stellen. Omdat ze behoren tot de kern van een systeem of organisatie. Ook in dit blog waarin ik jou meeneem in mijn ervaringen, stel ik vaker vragen dan dat ik ze beantwoord. Dit kan zijn omdat ik het antwoord simpelweg niet weet, ik benieuwd ben naar jullie mening of op zoek ben naar discussie of samenspraak. Als ik ergens van overtuigd ben geraakt is het wel dat je veel kunt leren van elkaar. Dus reageer vooral. Verbeter me, vul me aan en als het nodig is, help me uit die te onrealistische droom. 

Die ene vraag

Laatst zat ik in een prachtig groene serene Amsterdamse binnentuin. De zon scheen. Ik was aan het praten met bevlogen, gepassioneerde, maar ook -ik kan het niet ontkennen- wat moedeloze, door de wol geverfde professionals uit de jeugdhulpverlening. In dit geval waren het mensen die leidinggeven aan kleine stichtingen. Ze hebben allemaal het hart op de goede plek, alle vereiste en benodigde tools in handen. Ze zijn echter stuk voor stuk (te) veel tijd en energie kwijt aan het bemachtigen van een klein stukje beschikbaar budget. Ze hebben afstand genomen van de grotere organisaties met een duidelijk doel voor ogen: een helpende hand bieden aan jongeren met een hele sterke hulpvraag. Ze willen een vangnet zijn voor die jongeren die, alle formele kaders ten spijt, tussen wal en schip (dreigen te) vallen. Het in onze maatschappij gewoon niet zelfstandig redden. Ik maak het zo vaak mee. En ondanks dat ik het antwoord al kan raden, stel ik dan altijd toch weer die ene vraag: ‘Waarom kan onze samenleving niet voorkomen dat deze kwetsbare jongeren de aansluiting met de maatschappij verliezen en afglijden? Waarom kan de maatschappij niet bieden wat ze nodig hebben?’ Ik weet het antwoord al. Het is vragen naar de bekende weg. ‘Omdat ze het geloof en het vertrouwen in de hulpverlening zijn verloren.’ En waarom? Omdat ze hulpverleningsmoe zijn. Ze hebben te lang te veel hulp gehad en te weinig merkbaar voelbaar resultaat.

Te veel hulp

Vandaag heb ik mijn rechterspet op en werk ik mij door een stapel rapporten van de Raad van de Kinderbescherming heen. Ik lees over jarenlange interventies, gedragsbeschermende maatregelen, emotioneel verwaarlozende opvoedingssituaties, groepsdruk en een te weinig gestructureerde vrijetijdsbesteding. Soms is het gewoon lastig om voor ogen te blijven houden over welke jongere het gaat. Het vakjargon komt steeds weer terug. Ineens midden in een rapport van de jeugdreclassering trekt de reactie van een jongere op zijn rapport mijn aandacht. Hij zegt: ‘Ik wil zeggen dat de hulpverlening mij eerder in de problemen brengt, dan dat ze mij helpt.’ En dan denk ik terug aan die mooie Amsterdamse binnentuin van laatst. Die dag met die bevlogen, gepassioneerde en af en toe wat moedeloze hulpverleners. En ik vraag me af: is er ook een te veel aan hulp? Kunnen gezinnen en jongeren ook last hebben van zoveel en zo lang ondersteuning van zoveel organisaties dat het zijn doel voorbijschiet?Kennelijk wel. En dan rest nog maar een vraag: wie schiet dan te hulp? 

Weet jij het? Laat het weten in een reactie hieronder.
 

Ik wil zeggen dat de hulpverlening mij eerder in de problemen brengt, dan dat ze mij helpt

Anonieme jongere
name authore here

Andrea Dantuma

Ik werk met veel passie voor en met jongeren. Met Stichting Lijn7 zet ik mij in voor kwetsbare jongeren door het bieden van persoonlijk leiderschapstrainingen. Als plaatsvervangend strafrechter werk ik bij de rechtbank d...

4 artikelen

Reacties (0)

name authore here
`

E-mailadressen worden niet gebruikt voor commerciële doeleinden. Bekijk onze privacyverklaring voor meer informatie over het gebruik van jouw gegevens.